Beeldbepalend 371
Gorssel
Woensdag 15 juli 2026
Het gebied rond de grondzeilmolen Geertruida Cornelia heet
Eesterhoek en is het oudste deel van Gorssel. Het dorp wordt in een oorkonde
uit 1253 nog marke Gerslo genoemd. Tot Gorssel behoorden ook de dorpen
en kernen Almen, Eefde, Harfsen, Joppe en Kring van Dorth. Tot 2005 is het een
zelfstandige gemeente waarna het fuseert met Lochem. In het voormalige
gemeentehuis van Gorssel is het Museum MORE (Modern Realisme) gevestigd. Dat
gemeentehuis is hiervoor uitgebreid met een zevental tentoonstellingsruimten.
Voor deze aflevering van Beeldbepalend verblijf ik in het museum waar ik enkele beelden aantref en eerst dit reizende duo zie. Lang duurt Het wachten niet, in eerste instantie vind ik hier geen gegevens over maar een mailtje naar het museum geeft mij de broodnodige informatie. Het betreffen gouaches op karton uit 2025 van de in 1957 in Veenendaal geboren Erik Mattijssen. Hij heeft gestudeerd en lesgegeven aan de Rietveld Academie en staat bekend om zijn schilderijen en tekeningen. Deze grote poppen geven mij niet het gevoel dat zij echte vakantievierders zijn.
Bij Hard times in the land of plenty denk ik allereerst aan een album en een gelijknamig nummer van de Amerikaanse blues- en rockband Omar & The Howlers maar aangezien dit een andere rubriek is en niet over muziek gaat, ga ik daar maar snel aan voorbij.
Het betreft hier een installatie van kunstcollectief J&B, die is ontstaan in 2015 en wordt gevormd door Jacob van der Zwan en Bert Frings. Zij zien ‘de straat als een weerspiegeling van de samenleving, in al haar banaliteit, schoonheid en creativiteit’, zo geven zij op hun eigen website aan.
De samenwerking van het duo begint met tekeningen die zij uitwisselden om elkaar aan te vullen. Daarbij scheurden zij, wisten uit of knipten in ze stukken, dreven elkaar tot het uiterste om creatief te blijven. Ik kijk naar deze bundeling van stukken en verwonder mij erover dat zoiets simpels tot zo iets bijzonders kan leiden.
De kunstenares Silvia B. is geboren in 1963 in Utrecht en studeerde beeldhouwen en mode aan de Willem de Kooning Academie in Rotterdam, de stad waar zij ook woont en werkt. Daarnaast studeerde zij letterkunde aan de Rijksuniversiteit in Leiden. In het museum is haar bijzondere werk Andrew and Anubis te zien. Dit is gemaakt in 2008.
Andrew staat voor een jonge knaap, terwijl Anubis de Egyptische god van de dood is, vaak voorgesteld als een jakhals of als een persoon met een jakhals kop. De kunstenares heeft er echter een volledig eigen versie van gemaakt. ‘Verliefd. Als het oog verleid wordt en de onderbuik zich laat voelen, als het kraakt in het hoofd en tenslotte pijn doet in het hart, dan is het beeld een beeld’, zo schrijft zij over haar werk. En daar geef ik bij deze aan toe.
Het volgende object is voor Marius van Beek met zijn houten Slaapzaal vrouwengevangenis uit 1975. De kunstschilder, beeldhouwer en kunstcriticus Van Beek is geboren in 1921 in Utrecht en overleden in 2003 in Nijmegen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog maakte hij deel uit van het gewapend verzet en dook enige tijd onder bij Pieter d´Hont, die hem veel kennis over kunst bijbracht.
Na de oorlog werd hij redacteur bij De Tijd en volgde lessen in Amsterdam in de Rijksakademie van Beeldende Kunsten bij Jan Bronner en Piet Esser, werd later zelf docent beeldhouwen in Den Bosch op de Koninklijke Academie en tevens docent kunstkritiek aan de School voor Journalistiek in Utrecht.
Begonnen als kunstenaar met klei, brons en steen maakte Van Beek daarna ook steeds vaker objecten van andere materie als hout, jute, albast en ijzer. In zijn beginperiode was het thema verzet heel nadrukkelijk aanwezig in zijn werk. Daarnaast gebruikte hij ook het katholieke geloof en klassieke oudheid als invalshoek.
De Slaapzaal laat ook een vorm van deze maatschappelijk betrokken kunstenaar. Het is geïnspireerd op de situatie in Chili na de staatsgreep van legerleider Augusto Pinochet. Zonder vorm van protest werden politieke tegenstanders opgepakt en gemarteld. Vrouwen werden ook seksueel misbruikt. Het kunstwerk is een schenking aan het museum MORE door de Stichting Marius van Beek.
Het slotstuk gun ik aan Johan Polet (1894-1971). Als zoon van steenhouwer Dirk Polet kreeg hij het beeldhouwen met de paplepel ingegoten. Hij leerde daarna het vak verder in de werkplaats van de Quellinusschool in zijn geboortestad Amsterdam en bij de Kunstnijverheidsschool. Op de Rijksakademie werd hij geweigerd. Bij de Haarlemse School werd hij docent liet hij de leerlingen rechtstreeks uit steen hakken en gebruikte geen klei- en gipsmodellen.
Het uit rood zandsteen gemaakte Boerenpaar is een voorbeeld van zijn werkmethode. Hij laat op subtiele manier de liefde en intimiteit van dit koppel zien. Maar behalve tederheid ook kracht, zoals de boer toont door de manier waarop hij zit. De boerin zit ontspannen op zijn schoot, waar ik een warm gevoel bij krijg.
opgehangen aan
gedwongen reislust van hen
die altijd wachten
noodgedwongen op wat komt
en nooit meer voorbij zal gaan
Opa IJsbeer
Verantwoording
1. 1. Inleiding –
wikipedia
2. 2. reizigers –
museummore.nl – devensterbank.nl
3. 3. Hard times
– jandb.art
4. 4. Andrew –
kunstambassade.nl – museummore.nl
5. 5. Slaapzaal –
wikipedia – museummore.nl
6. 6. Boerenpaar –
amsterdamse-school.nl – museummore.nl












Reacties
Een reactie posten